Totale knieprothese

Orthopedie

U wordt binnenkort geopereerd aan uw knie. Tijdens de operatie wordt het kniegewricht vervangen door een kunstgewricht (knieprothese). Deze folder kan u helpen u goed op deze operatie voor te bereiden.

De bouw van het kniegewricht

Knieprothese.jpg

vooraanzicht                                 zijaanzicht

1. Bovenbeen 7. Voorste kruisband
2. Scheenbeen 8. Achterste kruisband
3. Kuitbeen 9. Binnenste knieband
4. Knieschijf 10. Buitenste knieband
5. Binnen meniscus 11. Kniepees
6. Buiten meniscus 12. Bovenbeenspier

De knie vormt een scharnier tussen het bovenbeen en het scheenbeen. De knieschijf beweegt voor langs het bovenbeen als de bovenbeenspier aanspant. Het bovenbeen, scheenbeen en knieschijf zijn bekleed met een laagje verend kraakbeen. In de knie zit zowel aan de binnenzijde als aan de buitenzijde een meniscus. Ze dienen als schokbreker tussen het boven- en onderbeen. De kniebanden zorgen dat het kniescharnier bij het gebruik niet rammelt of schuift.

Als het kraakbeen versleten of beschadigd raakt kunnen de gewrichtsoppervlakken steeds moeilijker langs elkaar glijden. Als reactie op de slijtage van het kraakbeen vormt zich nieuw bot langs de rand van het gewricht, zodat knobbels op het gewricht ontstaan. Het bewegen wordt dan moeilijker en pijnlijker.

Oorzaak

Bij het ouder worden vermindert de kwaliteit van het kraakbeen en het kraakbeen slijt dan sneller af. Ook overgewicht is een belangrijke boosdoener. Kraakbeen kan vroegtijdig worden aangetast door reuma of een ongeval. Wanneer in het verleden de meniscus is verwijderd, is de kans op slijtage groter. Meestal is de oorzaak onduidelijk.

Klachten

De eerste klachten van knieslijtage zijn:

  • pijn bij (trap)lopen en lang staan;
  • startpijn bij het opstaan;
  • vochtophoping in de knie.

Bij gevorderde slijtage ontstaan:

  • stijfheid;
  • bewegingsbeperking;
  • uitstralende pijn in het been.

Als het kraakbeen alléén aan de binnenkant of buitenkant verdwijnt, kan het been scheef gaan staan. Er ontstaan dan:

  • O- of X-benen;
  • instabiliteitklachten.

Pijn in de knie kan ook worden veroorzaakt door afwijkingen van de wervelkolom of slijtage van de heup. Ondanks dat op de foto dan knieslijtage te zien is, hoeft dit niet altijd de oorzaak voor de knieklachten te zijn.

Diagnose

Aan de hand van de klachten wordt de diagnose vaak al vermoed. Voor een juiste diagnose zijn alleen lichamelijk onderzoek en röntgenfoto's voldoende. Soms is een kijkoperatie (arthroscopie) nodig om de ernst van de slijtage vast te stellen.

Behandelingsmogelijkheden

Gewrichtsslijtage is een natuurlijk proces. Het geeft lang niet altijd pijn. Behandeling is alleen nodig als er toenemende pijnklachten zijn. In het begin zijn alleen pijnstillers, bandages, een wandelstok en soms injecties of fysiotherapie voldoende. Soms kan in het begin met een kijkoperatie (arthroscopie) de knie worden ‘schoongemaakt’. Of kan een beenstand corrigerende operatie verbetering geven. Bij ernstige slijtage en pijnklachten kan worden besloten een kunstknie te plaatsen. Per jaar worden in Nederland door orthopedisch chirurgen vele duizenden knieprotheses geplaatst.

Voor de opname

Op de poli Orthopedie:

  • Heeft u een setje (geel etui) meegekregen om thuis een neuskweek af te nemen. De neuskweek neemt u zelf af, 14 dagen voor de ingreep. Deze kweek wordt onderzocht op de MRSA-bacterie. De bacterie komt vaak voor en indien deze bacterie bij u wordt vastgesteld, wordt u behandeld om een eventuele infectie van uw prothese te voorkomen. U krijgt dan een recept mee voor neuszalf en een lichaamsscrub. Deze gebruikt u volgens voorschrift. Als de neuskweek niet is afgenomen kan de operatie niet doorgaan!
  • Krijgt u een aanvraag voor bloedonderzoek mee. U laat een hartfilmpje maken bij de ECG-afdeling (route 44) Het is de bedoeling dat u deze onderzoeken aansluitend aan uw polikliniekbezoek laat uitvoeren.

Na het bezoek aan de orthopeed gaat u naar het Planbureau om u in te schrijven voor de operatie. Hier krijgt u een afspraak voor:

  • het bezoek aan het Apotheek Service Punt (ASP).
  • de poli Preoperatieve Screening.
  • de fysiotherapie.
  • het bezoeken van de voorlichtingsbijeenkomst ter voorbereiding op de operatie.

De voorlichtingsbijeenkomst
Deze groepsvoorlichting wordt gegeven door de orthopedisch consulent van de afdeling Orthopedie. Tijdens deze bijeenkomst krijgt u informatie over:

  • De voorbereidingen.
  • Het traject dat u gaat volgen.
  • De knieoperatie.
  • Nazorg en de leefregels na de operatie.

Deze voorlichtingsbijeenkomst is belangrijk om u goed voor te bereiden op de knieoperatie en de nabehandeling. Tijdens de bijeenkomst is volop gelegenheid om vragen te stellen.

Poli Preoperatieve Screening
Op de poli Preoperatieve Screening wordt met u besproken welke vorm van verdoving (anesthesie) voor u het beste is, algehele of regionale anesthesie. Bij algehele anesthesie (narcose) slaapt u tijdens de operatie. Bij regionale anesthesie wordt via een injectie in de rug (ruggenprik) de onderste lichaamshelft, van navel tot en met de voeten, gevoelloos gemaakt. In de folder: "Narcose of regionale anesthesie" kunt u hierover meer lezen.

De opname- en operatiedag

Nuchter blijven
U bent voor de operatie altijd minimaal 6 uur 'nuchter' (of u heeft naar aanleiding van uw aandoening andere instructies gekregen). Dit is om te voorkomen dat voedsel in de luchtwegen terecht kan komen als u zou overgeven voor en na de anesthesie. Dit houdt in, dat u na 24:00 uur de avond vóór de operatie niets meer mag eten. Het is wel verstandig om tussen 19:00 en 24:00 uur nog iets te eten.

U mag tot 2 uur voor de operatie wel nog heldere dranken drinken. Het is verstandig om kort voor u naar het ziekenhuis vertrekt nog helder drinken te nemen. Heldere drank is: water, thee zonder melk, sportdrank, appelsap of heldere vruchtensap zonder vruchtvlees, koolzuurhoudende (prik) frisdrank.

Op de dag van opname vraagt de verpleegkundige of apothekersassistente of er veranderingen zijn sinds het intakegesprek. Eventuele wijzigingen van uw medicatie graag melden. Tijdens het gesprek is er ook gelegenheid om vragen te stellen. Breng de medicatie die u thuis gebruikt mee in de originele verpakking. U krijgt deze medicijnen weer terug als u naar huis gaat. Tijdens de opname krijgt u medicijnen van het ziekenhuis. Maar soms zijn bepaalde medicijnen niet direct voorradig en gebruikt men tijdelijk de medicijnen van thuis.

Laat waardevolle spullen zoals geld en sieraden thuis.

Voor de operatie

  • Doe sieraden, zoals een horloge, ringen of armband af.
  • Doe piercings bij voorkeur uit.
  • Draag geen make-up en/of nagellak.
  • Draag bij voorkeur geen kunstnagels (uitgezonderd professioneel aangebrachte nagels).
  • Gebruik op de operatiedag geen crème op de huid. De stickers voor de bewakingsapparatuur bij de anesthesie zijn dan niet goed op de huid te bevestigen.
  • Uw eventuele bril, lenzen en/of gebitsprothese blijven op de verpleegafdeling.
    In overleg met de anesthesioloog kan hiervan afgeweken worden.
  • Een eventueel hoorapparaat kan het beste inblijven zodat u ons op de operatieafdeling kunt verstaan.

Na de operatie

Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer (Recovery) gebracht. Gespecialiseerde verpleegkundigen zien er op toe dat u rustig bijkomt van de operatie. Vanuit de uitslaapkamer gaat u terug naar uw eigen afdeling en krijgt u uw eigen nachtkleding aan.

Heeft u pijn of bent u misselijk, meldt dit dan aan de verpleegkundige. U krijgt dan medicatie hiertegen.

Om 15:00 uur komt de fysiotherapeut en verpleegkundige om u uit bed te halen en de eerste pasjes te lopen.

De dag na de operatie
De dag na de operatie wordt u geholpen met de persoonlijke verzorging op bed. Daarna gaat u naar de huiskamer. De fysiotherapeut komt 2 keer per dag om het lopen met u te oefenen. Er wordt 's morgens bloed geprikt. Als de uitslag hiervan goed is wordt het infuus verwijderd. Deze dag wordt een controlefoto van de knie gemaakt.

Pijnstilling
De anesthesioloog stelt alles in het werk om ervoor te zorgen dat u na de operatie zo weinig mogelijk pijn heeft. U krijgt al vóór de operatie een combinatie van pijnstillers (tabletten). Tijdens de operatie krijgt u aanvullende pijnstilling. Bij een totale knieprothese wordt ook langwerkende pijnstillende medicatie achtergelaten in het kniegewricht. Na de operatie wordt op de uitslaapkamer zo nodig nog extra pijnstillers gegeven. Ook als u weer op de verpleegafdeling ligt, wordt aan de hand van de pijn die u voelt zo nodig extra pijnstillers gegeven. De verpleegkundige vult na de operatie een aantal keer per dag een zogenaamde 'pijnscore' in. U wordt gevraagd een getal tussen 0 en 10 op te geven, waarbij 0 betekent dat u geen pijn heeft en 10 de allerergste pijn is die u zich kunt voorstellen.

Het is heel gewoon dat u zich na een operatie nog een tijdlang niet fit voelt. Dat ligt niet alleen aan de anesthesie, maar aan de ingrijpende gebeurtenis die iedere operatie is. Het lichaam moet zich in eigen tempo herstellen.

De huiskamer

Tijdens de opname ligt de nadruk op het herstel, al snel na de operatie begint u met revalideren. Dit betekent dat u niet als een zieke wordt bena-derd, u blijft zo min mogelijk in bed en draagt gewone kleding.

Vanaf de eerste dag na de operatie verblijft u dagelijks in een huiskamer waar alle mensen die een zelfde soort operatie hebben ondergaan samen komen. De fysiotherapeut en een verpleegkundige brengen u naar de huiskamer. Deze huiskamer is ingericht met speciale stoelen voor patiënten die een gewrichtsvervangende operatie hebben gehad.

Het is de bedoeling dat u gemakkelijk zittende kleding draagt en geen pyjama. Het doel hiervan is een huiselijke situatie te creëren, waar u de dagelijkse dingen zelf kunt doen. Door een thuissituatie na te bootsen, zult u snel ontdekken en herkennen wat uw mogelijkheden en of knelpunten zijn in uw thuissituatie. Ook weten we uit ervaring dat patiënten in zo'n huiselijke situatie minder het gevoel hebben ziek te zijn.

's Nachts verblijft u op uw kamer op de verpleegafdeling. Een orthopeed bezoekt u dagelijks 's morgens rond 8:00 uur. Op vaste tijden geven de verpleegkundigen u in de huiskamer uitleg en adviezen. Elke dag is er voldoende tijd om vragen te stellen aan de verpleegkundige, de fysiotherapeut of de arts.

Mogelijke risico's

We kunnen ons voorstellen dat u zich zorgen maakt over eventuele complicaties. Gelukkig zijn complicaties bij deze ingreep zeldzaam. De arts doet zijn uiterste best de kans op complicaties zo veel mogelijk te verkleinen maar hij kan ze nooit helemaal uitsluiten. Zo is er een kleine kans op:

Infectie
De meest ernstige complicatie is een infectie. U kunt een infectie krijgen rond de operatiewond of rond de kunstknie. Dit kan gebeuren tijdens de opname in het ziekenhuis of weer thuis. Wondinfecties worden meestal behandeld met antibiotica. Bij een diepe infectie is meestal een operatie en verwijdering van de kunstknie nodig. Het kan ook voorkomen dat een infectie op een andere plaats in het lichaam zich verspreidt naar de kunstknie. Om zo'n infectie te voorkomen, moeten patiënten met een kunstknie meestal antibiotica krijgen vóór andere operaties.

Loslating
Het meest voorkomend mechanisch probleem is loslating van de kunstknie. Dit geeft pijn en meestal is dan een tweede operatie nodig.

Slijtage
Slijtage van de kunstknie ontstaat zeer langzaam en kan loslating veroorzaken. Het is echter zelden nodig te opereren voor slijtage alleen. Een enkele keer raakt de zenuw aan de buitenkant van uw knie tijdelijk bekneld, bijvoorbeeld door een bloeduitstorting. Hierdoor kunt u een klapvoet krijgen. Meestal herstelt dit na enkele maanden.

Onvoldoende buigen van de knie
De meest voorkomende complicatie is dat uw knie tijdens de opname onvoldoende kan buigen. Soms is het dan nodig de knie onder narcose door te buigen.

Trombose
Als gevolg van de operatie en bedrust kunt u trombose krijgen. Trombose is een bloedprop die een bloedvat in het been kan afsluiten.. Om trombose te voorkomen krijgt u op de dag van de operatie een spuit. Als u naar huis gaat krijgt u een recept mee voor 30 dagen Xarelto tabletten. In de volksmond wordt dit medicijn "bloedverdunner" genoemd, maar in feite wordt het bloed minder stolbaar gemaakt.

Ook het regelmatig bewegen van het been en de voet vermindert de kans op trombose.

Zwelling
Het is normaal dat de knie na de operatie gezwollen is. Vaak is er ook een bloeduitstorting. Hiervoor kunt u de knie regelmatig koelen met coolpads.

De bedrijfsarts

Als u werkt, vraagt u zich misschien af of u na de operatie uw normale werkzaamheden kunt blijven doen of dat er (tijdelijk) beperkingen zijn. Overleg dit dan met uw specialist. De specialist kan informatie over de ingreep uitwisselen met uw bedrijfsarts. Zo wordt duidelijk of u (tijdelijk) beperkingen heeft en zo ja, welke.

Om uw privacy te beschermen is uw toestemming nodig voor overleg tussen uw specialist en uw bedrijfsarts. De bedrijfsarts begeleidt de terugkeer naar uw werk. Daarom is het belangrijk dat uw bedrijfsarts op de hoogte is van uw aandoening of behandeling.

Afspraken over uw werk verlopen vaak soepeler als u de bedrijfsarts al vóór de ingreep informeert of zo spoedig mogelijk na de ingreep op de hoogte brengt.

Weer naar huis

De fysiotherapeut bepaalt wanneer u naar huis mag. Dit is meestal 3 dagen na de operatie. Voorwaarden om naar huis te kunnen zijn:

  • u kunt zelfstandig lopen met uw elleboogkrukken;
  • u kunt traplopen (indien thuis noodzakelijk);
  • de wond ziet er goed uit.

Dit zijn richtlijnen. Soms kan hiervan afgeweken worden.

Wat krijgt u mee?

  • uw controle afspraken en een aanvraagformulier voor het maken van een foto bij controle 2 maanden na de operatie;
  • recept(en) voor verbandmateriaal, als het nodig is;
  • recept(en) voor bloed verdunnende medicijnen, pijnstilling;
  • overdracht voor de fysiotherapeut;
  • machtiging voor fysiotherapie;
  • als thuiszorg geregeld is, krijgt u een verpleegkundige overdracht mee.

Wat als u (tijdelijk) niet naar huis kunt?

Soms zijn er omstandigheden (bijvoorbeeld als u alleen woont) waardoor het niet mogelijk is om na de ingreep direct terug naar huis te gaan. Een (tijdelijke) opname voor revalidatie is dan noodzakelijk. De transferverpleegkundige kan u hierin adviseren en ook bemiddelen. Zij wordt zo nodig al voor uw opname in het ziekenhuis ingeschakeld.

Bezoek van de transferverpleegkundige

Het kan zijn dat u na het ontslag uit het ziekenhuis thuiszorg nodig heeft. Huishoudelijke hulp valt onder de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) van uw gemeente. Het aanvragen van huishoudelijke hulp verschilt per gemeente. Vraag dit na bij het WMO loket in uw gemeente. Wanneer u alleen huishoudelijke zorg nodig heeft, dan regelt u (of uw familie) dit zelf. Bij het WMO-loket kunt u ook terecht voor informatie over het aanvragen van maaltijdvoorzieningen en persoonsalarmering. Om gegarandeerd te zijn van deze voorzieningen kunt u dit al voor de opname regelen.

Heeft u persoonlijke zorg, en/of hulpmiddelen nodig of u kunt (tijdelijk) niet naar huis en is er opname nodig in een verzorgings-of verpleeghuis, dan krijgt u een gesprek met de transferverpleegkundige. Zorg in een verzorgings- of verpleeghuis valt onder de WLZ (Wet Langdurige Zorg). Hiervoor is een indicatie nodig van het CIZ (Centrum Indicatiestelling Zorg). Het is prettig als uw partner, een familielid of een mantelzorger bij dit gesprek aanwezig is.

Het herstel

De meeste mensen moeten vaak gedurende de eerste 6 weken met krukken lopen. Het kan enkele maanden duren voordat de knie weer goed en pijnloos functioneert.

Afhankelijk van o.a. de beweeglijkheid of het looppatroon op het moment dat u naar huis mag, wordt u de eerste 6 weken poliklinisch begeleid door de afdeling Fysiotherapie in het ziekenhuis.

U wordt na 3 en na 6 weken teruggezien op de afdeling Fysiotherapie om het herstel te beoordelen. Dan wordt gekeken of verdere fysiotherapie bij u in de buurt nodig is. Ook geeft onze fysiotherapeut u instructies wat u met de knie wel en niet mag doen en wanneer dat weer mag.

De eerste tijd heeft u thuis vaak nog wat hulp nodig bij het aantrekken van de kousen en bij huishoudelijke klusjes.

Hulpmiddelen

Hulpmiddelen kunt u lenen bij een uitleenmagazijn van een thuiszorgorganisatie op vertoon van een geldig legitimatiebewijs. U kunt hier terecht voor elleboogkrukken en toiletverhoger. Er zijn ook andere handige hulpmiddelen te koop zoals een verlengde schoenlepel, een “helping hand” (waar u dingen mee kunt oprapen) of elastische schoenveters.

Enkele adressen van uitleenmagazijnen:

Groene Kruis Winkel en Startpunten
Vogelsbleek 10 in Weert
Telefoon: 0495 - 57 71 07
Maandag t/m vrijdag van 09:00 - 17:00 uur

Medicura Zorgwinkel
Maaspoort 64 in Weert
Telefoon: 0495 - 56 66 99
Maandag t/m vrijdag van 09:30 - 16:30 uur
Zaterdag van 10:00- 16:00 uur

ZuidZorg Winkel
Telefoon: 040 - 2 503 838
Servicepunt Eindhoven
Maandag t/m vrijdag van 8:30 – 17:00 uur
Servicepunt Best
Maandag t/m vrijdag: 10:00-12:30 uur
Servicepunt Son
maandag t/m vrijdag: 9:00 – 13:00 uur
Servicepunt Helmond
maandag t/m vrijdag van 8:30 – 17:00 uur

Controle
10 tot 14 dagen ná uw ontslag wordt u tussen 11:00 en 12:00 uur gebeld door een verpleegkundige om te informeren naar uw eerste ervaringen.

Uw operatiegegevens zullen worden geregistreerd in de Landelijke Registratie Orthopedische Implantaten. Indien u hier bezwaar tegen heeft kunt u dit kenbaar maken aan uw behandelend specialist.

PDF
Stel PDF samen

Belangrijk

Nuchter blijven
U bent voor de operatie altijd minimaal 6 uur 'nuchter' (of u heeft naar aanleiding van uw aandoening andere instructies gekregen).

Thuiszorg
Het kan zijn dat u na het ontslag uit het ziekenhuis thuiszorg nodig heeft. Huishoudelijke hulp valt onder de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) van uw gemeente. Het aanvragen van huishoudelijke hulp verschilt per gemeente. Om gegarandeerd te zijn van deze voorzieningen kunt u dit al voor de opname regelen.

Contact opnemen
Het is verstandig om contact op te nemen met de poli Orthopedie of de verpleegkundige en eventueel, in overleg, langs te komen als:

  • u koorts heeft;
  • de wond rood ziet;
  • de wond blijft lekken.

Poli Orthopedie, bereikbaar op werkdagen van 08:30 - 17:00 uur:
0495 - 57 21 60

Heeft u nog vragen?

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt u contact opnemen met de poli Orthopedie, op werkdagen bereikbaar van 08:30 - 17:00 uur.

Poli Orthopedie:
0495 - 57 21 60