Bisfosfonaten

Interne geneeskunde
Dagcentrum

Algemeen

U gaat binnenkort starten met een behandeling die een botversterkende werking heeft. De arts heeft u geïnformeerd over deze ‘botversterkers’. In deze folder vindt u meer informatie over de werking van deze medicamenten, de wijze van toediening en de te verwachten bijwerkingen.

Bisfosfonaten

Er zijn meerdere soorten medicijnen die een botversterkende werking hebben. Een van de belangrijkste is de groep van de Bisfosfonaten. Voorbeelden van Bisfosfonaten zijn APD en Zometa. Zij remmen de groei van cellen die zorgen voor botafbraak. Hierdoor wordt botafbraak verminderd of voorkomen.

Het gevolg van het toedienen van Bisfosfonaten is dat pijnklachten afnemen. Daarnaast neemt ook de kans af op botbreuken of op een verhoogd calciumgehalte van het bloed. Bisfosfonaten verminderen ook de kans dat uitzaaiingen optreden in de botten. Soms ontstaan er echter toch uitzaaiingen, ondanks het gebruik van Bisfosfonaten.

Redenen om Bisfosfonaten toe te dienen:

In gezonde botten zijn twee soorten cellen actief:

  • Cellen die zorgen voor botaanmaak
  • Cellen die zorgen voor botafbraak

Onder normale omstandigheden is er een redelijk evenwicht tussen de botaanmaak en de botafbraak. Onder bepaalde omstandigheden kan de botafbraak groter zijn dan de botaanmaak. Aandoeningen waarbij dit voorkomt zijn botontkalking en botuitzaaiingen.

Botontkalking
Botontkalking wordt ook wel osteoporose genoemd. Bij deze aandoening worden de botten minder stevig. In het begin zal dit weinig klachten geven. Later kunnen er botklachten ontstaan. Ook wordt de kans groter op een breuk van het bot. Langdurige behandeling met hormonen (zoals bij borstkanker) of met corticosteroïden (zoals Prednison of Cortison), kunnen leiden tot (verergering van) osteoporose.

Uitzaaiingen in de botten
Kwaadaardige gezwellen kunnen de oorzaak zijn van uitzaaiingen in de botten. Een gevolg hiervan is het toenemen van botafbraak. Dit leidt tot pijnklachten en in ernstige gevallen tot het breken van een bot. Ook kan het calciumgehalte van het bloed stijgen als gevolg van botuitzaaiingen.

Behandeling met Bisfosfonaten

De arts heeft u geïnformeerd over de behandeling met Bisfosfonaten. Hierbij is ook besproken welk middel u krijgt, hoe vaak dit gegeven wordt en hoelang deze behandeling zal duren.

Bisfosfonaten als APD en Zometa worden toegediend via een infuus. Dit vindt plaats op het dagcentrum of op de dagbehandeling oncologie (als gelijktijdig chemotherapie wordt toegediend). Er zijn meerdere behandelschema’s van Bisfosfonaten. De keuze voor een schema hangt vooral af van de ziekte waarvoor u behandeld wordt.

Bijwerkingen

De belangrijkste bijwerkingen bij de behandeling met APD of Zometa zijn:

  • (tijdelijke) toename van botpijn
  • griepachtige klachten
  • (geringe) toename van de lichaamstemperatuur.

Indien deze klachten (te) heftig worden is het aan te raden om gedurende de dagen na het infuus 3 - 4 maal daags 2 tabletten paracetamol á 500 mg. te nemen. Als de klachten aanhouden moet contact opgenomen worden met de arts of de verpleegkundig specialist.

Een andere bijwerking is het ontstaan van problemen met het kaakbot. Dit treedt doorgaans pas op als de behandeling langere tijd gegeven wordt. Om deze reden is het belangrijk om het gebit bij aanvang van en tijdens de behandeling regelmatig te laten controleren door de tandarts. Ook is het belangrijk om het gebit goed te verzorgen zoals viermaal daags de tanden te poetsen.

Als zich problemen voordoen met het kaakbot, de tanden of het tandvlees, moet contact opgenomen worden met de arts of verpleegkundig specialist.

PDF
Stel PDF samen

Heeft u nog vragen?

Heeft u vragen dan kunt u op werkdagen bellen naar het dagcentrum of dagbehandeling oncologie.

Dagcentrum
Telefoon: 0495 - 57 25 21

Dagbehandeling oncologie      
Telefoon: 0495 - 57 22 37