Mictie-observatie - TWOC

Urologie

Kort geleden bent u met een verblijfskatheter uit het ziekenhuis ontslagen of heeft u een katheter op de polikliniek gekregen. De uroloog heeft met u besproken wanneer deze katheter weer wordt verwijderd. Dit is afhankelijk van uw medische voorgeschiedenis, de ernst van de plasklachten voordat u de katheter kreeg en de vulling van de blaas toen de katheter geplaatst werd.

De procedure bij het verwijderen van de katheter wordt een mictie-observatie of TWOC (Trial Without Catheter) genoemd, oftewel bekijken hoe het plassen gaat nadat de katheter is verwijderd. De uroloog heeft bepaald dat u een dag wordt opgenomen in het ziekenhuis. ln deze folder gaan we verder in op de observatie gedurende een dagopname. Tijdens deze opname wordt bekeken hoe het spontaan plassen gaat en of u uw blaas voldoende kunt legen.

Opname

Op de afgesproken dag en tijdslip meldt u zich op de met u afgesproken afdeling, waar u wordt u ontvangen door een verpleegkundige die u wegwijs maakt. De verpleegkundige houdt een kort opnamegesprek met u, neemt de dagindeling met u door en geeft u instructies over het plassen en het residu meten. Met residu wordt de hoeveelheid urine bedoeld die na het plassen achterblijft in de blaas. De verpleegkundige verwijdert vervolgens de katheter terwijl u op bed ligt. U krijgt van de verpleegkundige een urinaal of po op het toilet waarin u moet plassen mocht u hier aandrang voor hebben. Het plassen in de urinaal of po is belangrijk omdat de verpleegkundige zo kan meten of u voldoende plast.

Gang van zaken rondom opname

Het is belangrijk dat u gedurende de opname goed drinkt. Dit wil zeggen dat u met regelmaat wat extra drinkt, maar dit niet gaat forceren! Een vuistregel is om elk uur 1 - 2 glazen te drinken. Hierbij is het belangrijk om niet te veel koffie of zwarte thee te gebruiken. Dit kan namelijk een prikkeling van de blaas geven en kan daardoor het op gang brengen van het plassen beïnvloeden.

Als u aandrang krijgt om te plassen, mag u gewoon in de urinaal of po plassen. Meld dit nadien wel aan de verpleegkundige. De verpleegkundige kan dan door het maken van een echo van de blaas het residu bepalen. Mocht u na 3 - 4 uur nog niet kunnen plassen en/of veel buikpijnklachten hebben, dan kijkt de verpleegkundige met behulp van een echo hoeveel urine u in de blaas heeft. Waar nodig wordt met de uroloog contact opgenomen voor verder overleg.

Het is belangrijk om tijdens de opname gewoon te bewegen (rondlopen) en niet de gehele tijd op bed te liggen. Het bewegen bevordert namelijk het op gang komen van het urineren.

Wanneer naar huis?

De verpleegkundige heeft met de uroloog afspraken gemaakt over hoeveel residu er achter mag blijven in de blaas. Mocht het plassen zelfstandig lukken en zijn de residuen acceptabel dan mag u met ontslag. Mocht de verpleegkundige hierover twijfelen, dan wordt opnieuw contact opgenomen met de uroloog.

Wanneer het plassen niet goed gaat

Het kan voorkomen dat het plassen niet meteen op gang komt tijdens de opname terwijl er wel veel urine in de blaas zit. In overleg met de uroloog kan dan besloten worden tot het opnieuw inbrengen van een katheter of het eenmalig leegmaken van de blaas door middel van een katheter. Het kan dus zijn dat u weer met een katheter naar huis gaat. Het is daarom belangrijk dat u de katheter hulpmiddelen niet meteen weggooit na het verwijderen van de katheter. Ook zal in overleg met de uroloog het verdere beleid worden afgesproken.

Problemen

Door het langer dragen van de katheter kan het zijn dat de blaas en urinebuis wat geïrriteerd zijn. Daarom kunt u na het verwijderen van de katheter een branderig / schrijnend gevoel in de plasbuis hebben. U mag hiervoor zo nodig een paracetamol innemen om dit wat te verminderen. Deze klachten kunnen verder geen kwaad en kunnen nog tot enkele dagen na het verwijderen van de katheter aanhouden. Verder kan het zijn dat u ongewild urine verliest (incontinentie) doordat de blaas weer opnieuw op gang moet komen. Meestal is dit met een aantal dagen weer verminderd. 

Ziekte of verhindering

Als u door ziekte of een andere reden verhinderd bent uw afspraak na te komen, neem dan zo snel mogelijk contact op met de polikliniek urologie. Wij maken dan een nieuwe afspraak met u.

PDF
Stel PDF samen

Heeft u nog vragen?

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt u contact opnemen met de poli urologie. Op werkdagen bereikbaar van 09:00 – 17:00 uur.        

Poli urologie:
0495 – 57 24 80