Totale heup prothese

Orthopedie

U wordt binnenkort geopereerd aan uw heup. Tijdens de operatie wordt het heupgewricht vervangen door een kunstgewricht (heupprothese). Deze folder kan u helpen u goed op de operatie voor te bereiden.

De bouw van het heupgewricht

Boven aan de hals (A) van het bovenbeen zit de heupkop (B). Deze vormt samen met de heupkom (C) het heupgewricht. De heupkom bevindt zich in het bekken (D). Rondom het heupgewricht zit het heupkapsel (E).

Heupprothese.jpg

Zowel de heupkop als kom zijn bekleed met een laag glad kraakbeen. Indien het kraakbeen versleten raakt kunnen de gewrichtsoppervlakken steeds moeilijker langs elkaar glijden. Het bewegen wordt dan moeilijker en pijnlijker.

Oorzaak

Bij het ouder worden vermindert de kwaliteit van het kraakbeen en het kraakbeen slijt sneller af. Ook kan het kraakbeen vroegtijdig worden aangetast door reuma of door botbreuken in het heupgewricht. Bij aangeboren heupafwijkingen, zoals heupdysplasie, krijgt u door overbelasting eerder slijtage.

Klachten

De meest voorkomende klachten van heupslijtage zijn:

  • pijn in de lies, soms met uitstraling naar de bil, bovenbeen en knie;
  • stijfheid bij het opstaan (startpijn);
  • moeilijk lopen, bukken of traplopen;
  • (bij vrouwen) pijn in de lies tijdens of na de gemeenschap.

Pijn in de bil en het been kan ook worden veroorzaakt door afwijkingen in de wervelkolom. Ondanks dat op de foto dan heupslijtage te zien is, hoeft dit niet altijd de oorzaak voor de klachten te zijn.

Diagnose

Aan de hand van de klachten wordt de diagnose al vaak vermoed. Voor een juiste diagnose zijn alleen lichamelijk onderzoek en röntgenfoto's voldoende.

Behandelingsmogelijkheden

Slijtage van het gewricht geeft niet in alle gevallen pijn. Alleen als er pijnklachten zijn is behandeling nodig. In het begin zijn pijnstillers, een wandelstok en soms fysiotherapie voldoende. Als dit niet meer helpt kan een operatie zinvol zijn. Omdat een kunstgewricht geen onbeperkte levensduur heeft wordt bij jonge mensen de operatie zo lang mogelijk uitgesteld.

Voor de opname

Op de poli Orthopedie:

  • Heeft u een setje (geel etui) meegekregen om thuis een neuskweek af te nemen. De neuskweek neemt u zelf af, 14 dagen voor de ingreep. Deze kweek wordt onderzocht op de MRSA-bacterie. De bacterie komt vaak voor en indien deze bacterie bij u wordt vastgesteld, wordt u behandeld om een eventuele infectie van uw prothese te voorkomen. U krijgt dan een recept mee voor neuszalf en een lichaamsscrub. Deze gebruikt u volgens voorschrift. Als de neuskweek niet is afgenomen kan de operatie niet doorgaan!

Krijgt u een aanvraag voor bloedonderzoek mee. U laat een hartfilmpje maken bij de ECG-afdeling (route 44) Het is de bedoeling dat u deze onderzoeken aansluitend aan uw polibezoek laat doen.

Na het bezoek aan de orthopeed gaat u naar het Planbureau om u in te schrijven voor de operatie. Hier krijgt u een afspraak voor:

  • het bezoek aan het Apotheek Service Punt (ASP).
  • de poli Preoperatieve Screening.
  • de fysiotherapie.
  • het bezoeken van de voorlichtingsbijeenkomst ter voorbereiding op de operatie.

De voorlichtingsbijeenkomst
Deze groepsvoorlichting wordt gegeven door de orthopedisch consulent van de afdeling Orthopedie. Tijdens deze bijeenkomst krijgt u informatie over:

  • de voorbereidingen ;
  • het traject dat u gaat volgen;
  • de heupoperatie;
  • nazorg en de leefregels na de operatie.

Deze voorlichtingsbijeenkomst is belangrijk om u goed voor te bereiden op de heupoperatie en de nabehandeling. Tijdens de bijeenkomst is volop gelegenheid om vragen te stellen aan de consulent.

Poli Preoperatieve Screening
Op de poli Preoperatieve Screening wordt met u besproken welke vorm van verdoving (anesthesie) voor u het beste is, algehele of regionale anesthesie. Bij algehele anesthesie (narcose) slaapt u tijdens de operatie. Bij regionale anesthesie wordt via een injectie in de rug (ruggenprik) de onderste lichaamshelft, van navel tot en met de voeten, gevoelloos gemaakt. In de folder: "Narcose of regionale anesthesie" kunt u hierover meer lezen.

De opname- en operatiedag

Nuchter blijven
U bent voor de operatie altijd minimaal 6 uur 'nuchter' (of u heeft naar aanleiding van uw aandoening andere instructies gekregen). Dit is om te voorkomen dat voedsel in de luchtwegen terecht kan komen als u zou overgeven voor en na de anesthesie. Dit houdt in, dat u na 24:00 uur de avond vóór de operatie niets meer mag eten. Het is wel verstandig om tussen 19:00 en 24:00 uur nog iets te eten. U mag tot 2 uur voor de operatie wel nog heldere dranken drinken. Het is verstandig om kort voor u naar het ziekenhuis vertrekt nog helder drinken te nemen. Heldere drank is: water, thee zonder melk, sportdrank, appelsap of heldere vruchtensap zonder vruchtvlees, koolzuurhoudende (prik) frisdrank.

U wordt opgenomen op de dag van de operatie. Op de afdeling wordt u gevraagd of er veranderingen zijn sinds het intakegesprek. Is er iets gewijzigd in uw medicatie geef dit door aan de verpleegkundige of de apothekersassistente. Tijdens het gesprek is er ook gelegenheid om vragen te stellen.

Breng de medicatie die u thuis gebruikt mee in de originele verpakking. U krijgt deze medicijnen weer terug als u naar huis gaat. Tijdens de opname ontvangt u medicatie van het ziekenhuis maar soms zijn bepaalde medicijnen niet direct voorradig en gebruikt men tijdelijk de medicijnen van thuis.

De verpleegkundige tekent de te opereren kant aan met een pijl op de huid.

Laat waardevolle spullen zoals geld en sieraden thuis.

De operatie

  • Doe sieraden, zoals een horloge, ringen of armband af.
  • Doe piercings bij voorkeur uit.
  • Draag geen make-up en/of nagellak.
  • Draag bij voorkeur geen kunstnagels (uitgezonderd professioneel aangebrachte nagels).
  • Gebruik op de operatiedag geen crème op de huid. De stickers voor de bewakingsapparatuur bij de anesthesie zijn dan niet goed op de huid te bevestigen.
  • Uw eventuele bril, lenzen en/of gebitsprothese blijven op de verpleegafdeling. In overleg met de anesthesioloog kan hiervan afgeweken worden.
  • Een hoorapparaat, kan het beste inblijven, zodat u ons op de operatieafdeling kunt verstaan.

Na de operatie

Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer (Recovery) gebracht. Gespecialiseerde verpleegkundigen zien er op toe dat u rustig bijkomt van de operatie. Vanuit de uitslaapkamer gaat u terug naar uw eigen afdeling en krijgt u uw eigen nachtkleding aan.

Heeft u pijn of bent u misselijk, meldt dit dan aan de verpleegkundige. U krijgt dan medicatie hiertegen.

Om 15:00 uur komt de fysiotherapeut en verpleegkundige om u uit bed te halen en de eerste pasjes te lopen.

De dag na de operatie
Deze dag wordt u geholpen met de verzorging op bed. De fysiotherapeut komt 2 keer per dag om het lopen met u te oefenen. Er wordt 's morgens bloed geprikt. Als de uitslag hiervan goed is wordt het infuus verwijderd. Deze dag wordt een controlefoto van de heup gemaakt.

Pijnstilling
De anesthesioloog stelt alles in het werk om ervoor te zorgen dat u na de operatie zo weinig mogelijk pijn heeft. U krijgt al vóór de operatie een combinatie van pijnstillers (tabletten).

Tijdens de operatie krijgt u aanvullende pijnstilling. Na de operatie wordt op de uitslaapkamer zo nodig nog extra pijnstillers gegeven.

Ook als u weer op de verpleegafdeling ligt, wordt aan de hand van de pijn die u voelt zo nodig extra pijnstillers gegeven.

De verpleegkundige vult na de operatie een aantal keer per dag een zogenaamde 'pijnscore' in. U wordt gevraagd een getal tussen 0 en 10 op te geven, waarbij 0 betekend dat u geen pijn heeft en 10 de allerergste pijn is die u zich kunt voorstellen.

Het is heel gewoon dat u zich na een operatie nog een tijdlang niet fit voelt. Dat ligt niet alleen aan de anesthesie, maar aan de ingrijpende gebeurtenis die iedere operatie is. Het lichaam moet zich in eigen tempo herstellen.

De Huiskamer

Tijdens de opname ligt de nadruk op het herstel, al snel na de operatie begint u met revalideren. Dit betekent dat u niet als een ziek persoon wordt benaderd, u blijft zo min mogelijk in bed en draagt gewone kleding.

Vanaf de eerste dag na de operatie kunt u gebruik maken van de huiskamer. Hier wordt u door de fysiotherapeut en een verpleegkundige naar toe gebracht.

Het is de bedoeling dat u gemakkelijk zittende kleding draagt en geen pyjama. Het doel hiervan is een huiselijke situatie te creëren, waar u de dagelijkse dingen zelf uit kunt voeren. Door een thuissituatie na te bootsen, zult u snel ontdekken en herkennen wat uw mogelijkheden en of knelpunten zijn in uw thuissituatie. De ervaring leert dat patiënten in zo'n huiselijke situatie minder het gevoel hebben ziek te zijn.

's Nachts verblijft u op uw kamer op de verpleegafdeling. Een orthopeed bezoekt u voor de dagelijkse visite 's morgens rond 8:00 uur. Elke dag is er voldoende tijd om vragen te stellen aan de verpleegkundige, de fysiotherapeut of de arts.

Mogelijke complicaties

We kunnen ons voorstellen dat u zich zorgen maakt over eventuele complicaties. Gelukkig zijn complicaties bij deze ingreep zeldzaam. De arts doet zijn uiterste best de kans op complicaties zo veel mogelijk te verkleinen maar hij kan ze nooit helemaal uitsluiten.

Zo is er een kleine kans op:

Infectie
De meest ernstige complicatie is een infectie. Een infectie kan optreden rond de operatiewond of rondom de kunstheup. Dit kan gebeuren gedurende het verblijf of na ontslag uit het ziekenhuis. Wondinfecties worden over het algemeen behandeld met antibiotica. Diepe infecties leiden meestal tot operatie en verwijdering van de kunstheup.

Verspreiding van een infectie elders in het lichaam naar de kunstheup kan voor komen. Om zo'n infectie te voorkomen, moeten patiënten met een nieuwe heup meestal antibiotica krijgen vóór andere operaties

Loslating
Loslating van de kunstheup is het meest voorkomend mechanisch probleem. Dit geeft pijn en meestal is dan een tweede operatie noodzakelijk.

Luxatie van het heupgewricht
Als de kop van het dijbeen helemaal uit de kom is geschoven, spreekt men van een heupluxatie. Deze complicatie kan voor komen na het operatief plaatsen van een kunstheup. In het algemeen kan de heupkop zonder operatieve ingreep weer op zijn plaats gezet worden.

Slijtage
Slijtage van de kunstheup ontstaat zeer langzaam en kan loslating veroorzaken. Het is echter zelden nodig te opereren voor slijtage alleen.

Vermindering van de zenuwfunctie
Wanneer een ernstige gewrichtsafwijking gecorrigeerd moet worden, kan het gebeuren dat tijdens de operatie de zenuwen in de buurt van de heup beschadigen. Meestal komt de functie van de zenuw weer terug.

Beenlengteverschil
Een heupoperatie is bedoeld om de pijn in uw heupgewricht op te heffen. Tijdens de operatie tracht de operateur zoveel mogelijk om de lengte van beide benen hetzelfde te houden. Het is soms onvermijdelijk dat het been één centimeter langer of korter wordt.

Trombose
Door een operatie en bedrust neemt de kans op het krijgen van trombose toe. Trombose is een bloedprop die een bloedvat in het been kan afsluiten. Om trombose te voorkomen krijgt u op de dag van de operatie een spuit.

Als u naar huis gaat krijgt u een recept mee voor 30 dagen Xarelto tabletten. In de volksmond wordt dit medicijn 'bloedverdunner' genoemd, maar in feite wordt het bloed minder stolbaar gemaakt. Ook het regelmatig bewegen van het been en de voeten vermindert de kans op trombose.

De bedrijfsarts

Indien u werkzaam bent vraagt u zich misschien af of u na de operatie uw normale werkzaamheden kunt blijven uitoefenen of dat er (tijdelijk) beperkingen zijn. Overleg dit dan met uw specialist. De specialist kan informatie over de ingreep uitwisselen met uw bedrijfsarts. Zo wordt duidelijk of u (tijdelijk) beperkingen heeft en zo ja, welke.

Om uw privacy te beschermen is uw toestemming nodig voor overleg tussen uw specialist en uw bedrijfsarts. De bedrijfsarts begeleidt de terugkeer naar uw werk. Daarom is het belangrijk dat uw bedrijfsarts op de hoogte is van uw aandoening of behandeling. Afspraken over uw werk zullen vaak soepeler verlopen als u de bedrijfsarts al vóór de ingreep informeert of zo spoedig mogelijk na de ingreep op de hoogte brengt.

Weer naar huis

De fysiotherapeut bepaalt wanneer u naar huis mag. Dit kan 1 dag tot 3 dagen na de operatie zijn. Voorwaarden om het ziekenhuis te kunnen verlaten zijn:

  • u kunt zelfstandig lopen met uw elleboogkrukken
  • u kunt traplopen (indien thuis noodzakelijk)
  • de wond ziet er goed uit.

Dit zijn standaard richtlijnen. In bepaalde gevallen kan hier van afgeweken worden. Soms kunt u ook in dagbehandeling worden geholpen.

Wat krijgt u mee?

  • uw controle afspraken en een aanvraagformulier voor het maken van een foto bij controle 2 maanden na de operatie
  • recept(en) voor bloed verdunnende medicijnen, pijnstilling
  • recept(en) voor verbandmateriaal indien nodig
  • overdracht voor de fysiotherapeut
  • machtiging voor fysiotherapie
  • indien thuiszorg geregeld is, krijgt u een verpleegkundige overdracht voor de zorgverlener.

Controle

Ongeveer 12 tot 14 dagen na de operatie maakt u een afspraak bij uw huisarts voor controle en eventueel doorknippen van de knoopjes van de hechting.

U kunt bij uw huisarts ook terecht met vragen over eventuele problemen thuis.

10 tot 14 dagen ná uw ontslag wordt u gebeld door een verpleegkundige om te informeren naar uw eerste ervaringen.

Wat als u (tijdelijk) niet naar huis kunt?

Soms zijn er omstandigheden (bijvoorbeeld als u alleen woont) waardoor het niet mogelijk is om na de ingreep direct terug te gaan naar huis. Een (tijdelijke) opname voor revalidatie is dan noodzakelijk. De transferverpleegkundige kan u hierin adviseren en tevens bemiddelen. Zij wordt zo nodig al voor uw opname in het ziekenhuis ingeschakeld.

Bezoek van de transferverpleegkundige

Het kan zijn dat u na het ontslag uit het ziekenhuis thuiszorg nodig heeft.Huishoudelijke hulp valt onder de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) van uw gemeente. Het aanvragen van huishoudelijke hulp verschilt per gemeente. Vraag dit na bij het WMO loket in uw gemeente. Wanneer u alleen huishoudelijke zorg nodig heeft, dan regelt u (of uw familie) dit zelf. Bij het WMO-loket kunt u ook terecht voor informatie over het aanvragen van maaltijdvoorzieningen en persoonsalarmering. Om gegarandeerd te zijn van deze voorzieningen kunt u dit al voor de opname regelen.

Heeft u persoonlijke zorg, en/of hulpmiddelen nodig of u kunt (tijdelijk) niet naar huis en is er opname nodig in een verzorgings-of verpleeghuis, dan krijgt u een gesprek met de transferverpleegkundige. Zorg in een verzorgings- of verpleeghuis valt onder de WLZ (Wet Langdurige Zorg). Hiervoor is een indicatie nodig van het CIZ (Centrum Indicatiestelling Zorg). Het is prettig als uw partner, een familielid of een mantelzorger bij dit gesprek aanwezig is.

Leefregels ter voorkoming van heupluxatie

Als de kop van het dijbeen helemaal uit de kom is geschoven, spreekt men van heupluxatie. Gedurende de eerste 3 maanden na de operatie is het belangrijk dat u een aantal leefregels volgt waarmee u voorkomt dat de kop van het heupgewricht uit de kom gaat.

Leefregels ten aanzien van bukken en hurken
U mag de eerste 6 weken:

  • niet bukken vanuit een stoel;
  • niet hurken;
  • niet op een lage stoel of kruk gaan zitten. De zithoogte van de stoel moet gelijk of iets hoger zijn dan de knieholte;
  • niet met de benen over elkaar gaan zitten;
  • uw knie niet in de richting van de neus brengen, bijvoorbeeld om uw teennagels te knippen;
  • wanneer u iets van de grond wilt oppakken moet u het geopereerde been naar achteren steken;
  • veters strikken wanneer u zit. U kunt dan het geopereerde been optillen waarbij u de knie naar buiten houdt. Een andere mogelijkheid is uw geopereerde been op een stoel voor u te zetten met de knie naar buiten gericht. Doe dit terwijl u zelf zit. Niet forceren!
  • als u bij het aantrekken van uw schoenen een lange schoenlepel gebruikt, plaats deze dan aan de binnenzijde van uw been.

Leefregels bij in en uit de auto stappen

  • zet de autostoel zover mogelijk naar achteren als voorbereiding op het in en uitstappen.
  • ga met uw rug naar de auto staan.
  • plaats één hand tegen de rugleuning van de autostoel en een andere hand op het dashboard en ga zitten. Zorg ervoor dat u uw benen en romp in een keer naar binnen draait. U kunt eventueel een plastic zak op uw zitting leggen zodat draaien soepel verloopt.
  • Tijdens het rijden dient u de plastic zak te verwijderen in verband met gevaar van wegglijden bij hard remmen. Zet uw auto bij voorkeur niet direct naast een stoeprand omdat u anders bij het in en uitstappen op een hoger niveau staat.

Huishoudelijke taken

Huishoudelijk werk zoals bijvoorbeeld stof afnemen mag wanneer u kunt blijven staan. U mag niet voorover buigen. Wel mag u uw benen in spreidstand zetten.

U mag geen zwaar werk doen. Laat dit een ander doen. Organiseer tijdelijk huishoudelijke hulp. Vraag hulp van mensen uit uw omgeving voor activiteiten zoals de container buiten zetten, afwassen en boodschappen doen. U zou gebruik kunnen maken van de boodschappenservice van een supermarkt bij u in de buurt.

Persoonlijke verzorging

  • plaats een tuinstoel in de badkamer, in de douche of aan de wastafel;
  • wanneer de badkamer moeilijk te bereiken is, raden wij u aan om uzelf tijdelijk aan het aanrecht te verzorgen;
  • plaats steunen in de douche en naast het toilet;
  • om ver vooroverbuigen te voorkomen raden wij u aan uw voeten te wassen met behulp van een tenenwasser of badborstel. Voor het drogen kunt u gebruik maken van een föhn.

Hulpmiddelen

  • tenenwasser
  • lange schoenlepel, elastische schoenveters
  • verhoogde stoel, douchestoel of po-stoel.
  • rugzak of heuptas voor wanneer u met krukken loopt.
  • een mobiele telefoon, zodat u in geval van nood iemand kunt waarschuwen. U kunt belangrijke nummers voorprogrammeren. Spreek eventueel vaste contactmomenten af met uw naasten zodat u kunt overleggen wanneer er problemen zijn.

Voeding en maaltijdvoorbereiding

Reserveer een plekje op de aanrecht voor spullen die u vaak nodig heeft. U kunt deze spullen afdekken met een schone handdoek. Wanneer er weinig ruimte op het aanrecht is kunt u overwegen om een extra tafeltje naast het aanrecht te plaatsen. Voor het afgieten van pannen is het aan te raden om gebruik te maken van een vergiet zodat u uw handen vrij kunt houden om te steunen. Plaats een stoel bij het aanrecht, zodat u bij activiteiten die u zittend kunt uitvoeren daar makkelijk gebruikt van kunt maken. Maak eventueel gebruikt van kant en klare maaltijden uit de supermarkt. Schakel eventueel 'tafeltje dek je' in.

Hulpmiddelen

Hulpmiddelen kunt u lenen bij een uitleenmagazijn van een thuiszorgorganisatie op vertoon van een geldig legitimatiebewijs. U kunt hier terecht voor elleboogkrukken en toiletverhoger. Er zijn ook andere handige hulpmiddelen te koop als een verlengde schoenlepel, een “helping hand” (waar u dingen mee kunt oprapen) of elastische schoenveters.

Enkele adressen van uitleenmagazijnen:

Groene Kruis Winkel en Startpunten
Vogelsbleek 10 in Weert
Telefoon: 0495 - 57 71 07
Maandag t/m vrijdag van 09:00 - 17:00 uur

Medicura Zorgwinkel
Maaspoort 64 in Weert
Telefoon: 0495 - 56 66 99
Maandag t/m vrijdag van 09:30 - 17:00 uur
Zaterdag van 10:00 - 16:00 uur

ZuidZorg Winkel
Telefoon: 040 - 2 503 838
Servicepunt Eindhoven
Maandag t/m vrijdag van 8:30 – 17:00 uur
Servicepunt Best
Maandag t/m vrijdag: 10:00-12:30 uur
Servicepunt Son
maandag t/m vrijdag: 9:00 – 13:00 uur
Servicepunt Helmond
maandag t/m vrijdag van 8:30 – 17:00 uur

Uw operatiegegevens zullen worden geregistreerd in de Landelijke Registratie Orthopedische Implantaten. Indien u hier bezwaar tegen heeft kunt u dit kenbaar maken aan uw behandelend specialist.

PDF
Stel PDF samen

Belangrijk

Nuchter blijven
U bent voor de operatie altijd minimaal 6 uur 'nuchter' (of u heeft naar aanleiding van uw aandoening andere instructies gekregen).

Thuiszorg
Het kan zijn dat u na het ontslag uit het ziekenhuis thuiszorg nodig heeft. Huishoudelijke hulp valt onder de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) van uw gemeente. Het aanvragen van huishoudelijke hulp verschilt per gemeente. Om gegarandeerd te zijn van deze voorzieningen kunt u dit al voor de opname regelen.

Contact opnemen
Het is verstandig om contact op te nemen met de poli Orthopedie of de verpleegkundige en eventueel, in overleg, langs te komen als:

  • u koorts heeft;
  • de wond rood ziet;
  • de wond blijft lekken.

Poli Orthopedie, bereikbaar op werkdagen van 08:30 - 17:00 uur:
0495 - 57 21 60

Heeft u nog vragen?

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt u contact opnemen met de poli Orthopedie, op werkdagen bereikbaar van 08:30 - 17:00 uur.

Poli Orthopedie:
0495 - 57 21 60