Aambeien

Hemorroïden

Chirurgie

Wat zijn aambeien?

Aambeien zijn eigenlijk een soort spataderen. Ze zitten alleen op een vervelende plaats: binnen de sluitspier van de anus. Het zijn uitgezakte zwellichamen bij de anus. Een zwellichaam is een sponsachtig netwerk van bloedvaatjes, bedekt door een dun laagje slijmvlies. Soms zijn de aambeien zo gezwollen dat ze naar buiten puilen. Het doet pijn, vooral tijdens of na ontlasting maken. Soms kunnen ze gaan bloeden of ontsteken.



Aambeien.jpg

 

Aambeien ontstaan bijvoorbeeld als:

  • u hard perst (bij harde ontlasting);
  • door veel zitten;
  • weinig bewegen;
  • het uitstellen van toiletbezoek;
  • door overgewicht;
  • tijdens een zwangerschap of door persen bij de bevalling.

Niet alle bloedingen uit de anus komen door aambeien. Ook als u zeker weet dat u aambeien hebt, kan het bloeden toch door iets anders komen. Daarom is het beter als uw arts onderzoekt waardoor de bloeding precies komt.

Ongeveer de helft van de bevolking heeft weleens last van aambeien. Aambeien zijn niet gevaarlijk. Artsen noemen aambeien ook wel hemorroïden.

Wat merkt u van aambeien?

Soms zijn de aambeien zo gezwollen dat ze door de anus naar buiten komen. Dit geeft meestal een drukkend gevoel in de anus.

Gezwollen aambeien zijn kwetsbaar. Ze beschadigen makkelijk door bijvoorbeeld harde ontlasting. Dit merkt u aan een beetje helderrood bloed in de ontlasting of op het toiletpapier. Soms 'lekt' er wat darmslijm of dunne ontlasting door de sluitspier. Daardoor ontstaat vervelende jeuk.

Als de aambeien uitwendig afknellen krijgt u waarschijnlijk pijn. Ook kan  dan een bloedstolsel (trombose) ontstaan in de aambei.

Hoe kunt u aambeien voorkomen?

  • Zorg voor voldoende voedingsvezels in uw eten. Zemelen helpen het beste. U kunt zemelen kopen bij de drogist en bijvoorbeeld door de yoghurt doen. Een vezelrijke voeding bevat ongeveer 30 gram vezels per dag.
  • Stel toiletbezoek niet uit als u aandrang heeft. De ontlasting wordt dan dikker en u krijgt meer last van verstopping.
  • Pers niet lang.
  • Gebruik niet te veel koffie, thee, koolzuurhoudende dranken en suiker. Deze stoffen prikkelen de anus. Daardoor krijgt u jeuk en eczeem.
  • Drink voldoende, zo'n 1½ - 2 liter per dag.
  • Gebruik geen toiletpapier maar koud / lauw water zonder zeep, of vochtige ongeparfumeerde tissues. Droog de huid rond de anus goed af met een dunne, schone doek. Als u regelmatig een warm zitbad neemt, dan kan de anus zich beter ontspannen. Dit helpt ook tegen klachten als branderigheid, pijn, jeuk en uitslag.
  • Probeer af te vallen als u te zwaar bent.
  • Zalven en zetpillen kunnen de pijn en branderigheid verhelpen.
  • Zorg voor voldoende beweging, zeker als u veel zit.

Wanneer is een operatie nodig?

Wanneer de genoemde maatregelen en leefregels niet helpen, is verdere behandeling nodig. Als u bloed verdunnende medicijnen gebruikt, moet u dit vóór de behandeling aan de arts melden. Deze medicijnen geven namelijk een verhoogd risico op nabloedingen. Daarom moet u, in overleg met de arts, tijdelijk stoppen met deze medicijnen.

Hoe stelt de arts vast dat u aambeien hebt?

De klachten zoals bij aambeien komen ook voor bij andere afwijkingen van de endeldarm of de anus. Daarom onderzoekt de arts de anus, het anale kanaal en het begin van de endeldarm heel zorgvuldig.

Bij jongere patiënten is het onderzoek van de anus en het anale kanaal meestal voldoende. Als het nodig is wordt een uitgebreid kijkonderzoek gedaan. Dit komt vooral voor bij patiënten boven de 50 jaar.

Voor het onderzoek ligt u in linker zijligging. De arts kijkt naar de omgeving van de anus en de anus zelf. Dan doet hij met de vinger een inwendig onderzoek van de anus en begin van de endeldarm.

Ook wordt er met een kijkbuisje in de anus gekeken naar het anale kanaal en het laatste stukje van de endeldarm. Hierbij kan worden vastgesteld of er aambeien of andere afwijkingen aanwezig zijn.

Wanneer door pijn het onderzoek onmogelijk is, kan het met plaatselijke verdoving of algehele narcose worden gedaan. Uw behandelend arts bespreekt met u welke onderzoeken nodig zijn. Daarna hoort u of bij u aambeien zijn gevonden en of een behandeling nodig is.

Rubberbandligatie

Een veel toegepaste methode is het afbinden van het overtollige slijmvlies met behulp van rubberbandjes.

Voorbereiding
2 Uur voor de ingreep brengt u thuis via de anus een zeepspuitje (microlax) in. Hiermee maakt u het laatste gedeelte van de darm schoon. U krijgt deze toegestuurd per post of mee na het polibezoek.

De ingreep
De ingreep gebeurt op de poliklinische operatie afdeling. Dit gebeurt met een proctoscoop, een kleine kijkbuisje. Via de proctoscoop wordt een rubberbandje geplaatst op het slijmvlies net boven de aambeien, die daardoor weer naar hun normale positie worden gebracht. Het inbrengen van de scoop kan gevoelig zijn. De ingreep duurt 5 minuten.

Meestal is bij meer dan de helft van de patiënten al een goed resultaat te verwachten na de eerste behandeling voor aambeien. Als de verzakking van de aambeien erger is, kunnen meerdere behandelingen nodig zijn.

Het slijmvlies sterft vanzelf af na 10-14 dagen en verlaat dan samen met het rubber bandje het lichaam met de ontlasting. Wanneer een rubberbandje loslaat en met de ontlasting de endeldarm verlaat (het korstje gaat van de wond), kunt u wat bloedverlies krijgen.

Wanneer het bloedverlies meer lijkt dan een kopje vol, neemt u contact op:

Tijdens kantooruren met de poli Chirurgie:             
0495 – 57 22 70

Buiten kantooruren: Spoedeisende Hulp:                
0495 – 57 26 10

Complicaties: soms pijn en bloedverlies.

Na de behandeling
Ga onder begeleiding naar huis. U mag u gewone bezigheden weer oppakken.

HAL-procedure (Hemorroidal Artery Ligation)

Deze ingreep gebeurt op de operatiekamer onder regionale verdoving (ruggenprik) of algehele narcose. Tijdens deze ingreep worden de bloedvaten in de anus opgespoord en met een hechting vernauwd, waarmee de bloedtoevoer naar de aambei wordt verminderd. Eventueel wordt met dezelfde hechting een verzakte aambei naar zijn normale positie gebracht.

De ingreep vindt plaats op de operatiekamer in dagbehandeling. De ingreep kan napijn geven die dan soms 1 tot 2 weken aanhoudt. Uw behandelend arts schrijft u voor de zekerheid pijnstillers en laxeermiddelen voor.

Complicaties: soms pijn en bloedverlies.

Na de behandeling
Wanneer u weer terug bent op de afdeling heeft u waarschijnlijk een infuus waarmee u vocht krijgt toegediend. Het infuus wordt meestal enkele uren na de operatie verwijderd. De verpleegkundige komt regelmatig bij u en meet uw bloeddruk en controleert de wond. Op de wond zit een gaasje, totdat er geen vocht meer uit de wond komt. Soms wordt een oplosbare tampon in het wondgebied aangebracht.

De eerste dagen na de operatie kan het wondgebied erg pijnlijk zijn. Hiervoor krijgt u pijnstillers Vooral het op gang komen van de ontlasting na de operatie is pijnlijk. De eerste keer kan pijnlijk en bloederig zijn. Laxeermiddelen kunnen ervoor zorgen dat de ontlasting soepeler wordt, waardoor het allemaal makkelijker gaat. Bovendien genezen de wonden dan ook beter.

Operatief verwijderen (snijden)

Het weghalen van aambeien via een operatie gebeurt alleen bij erg grote afwijkingen die niet op de andere ingrepen hebben gereageerd. Tijdens deze operatie wordt het teveel aan aambeien weg gesneden. Het overblijvend slijmvlies wordt met hechtingen aan elkaar gemaakt. De operatie is meestal in dagbehandeling.

Na de operatie
Wanneer u weer terug bent op de afdeling heeft u waarschijnlijk een infuus waarmee u vocht krijgt toegediend. Het infuus wordt meestal enkele uren na de operatie verwijderd. De verpleegkundige komt regelmatig bij u en meet uw bloeddruk en controleert de wond. Op de wond zit een gaasje, totdat er geen vocht meer uit de wond komt. Soms wordt een oplosbare tampon in het wondgebied aangebracht.

's Avonds na de operatie of de volgende ochtend kunt u weer rondlopen. Het wondgebied moet regelmatig worden schoongespoeld. Dit moet vooral na ontlasting maken, maar ook tussendoor. 2 – 3 x per dag schoonspoelen is voldoende. Met de douche kunt u het wondgebied gemakkelijk schoonspoelen.

De eerste dagen na de operatie kan het wondgebied erg pijnlijk zijn. Hiervoor krijgt u pijnstillers Vooral het op gang komen van de ontlasting na de operatie is pijnlijk. De eerste keer kan pijnlijk en bloederig zijn. Laxeermiddelen kunnen ervoor zorgen dat de ontlasting soepeler wordt, waardoor het allemaal makkelijker gaat. Bovendien genezen de wonden dan ook beter.

Mogelijke complicaties

  • trombose;
  • nabloeding;
  • pijn;
  • wondinfecties.

Als u een nabloeding krijgt, gaat u terug naar de operatiekamer. Daar wordt de nabloeding onder verdoving behandeld.

Adviezen voor thuis
Mogelijk voelt u zich de eerste dagen thuis nog niet zo lekker en fit. Dit is niet vreemd, een operatie is nu eenmaal een ingrijpen gebeurtenis. Het lichaam moet in zijn eigen tempo herstellen, dat heeft tijd nodig. Het anale kanaal is meestal binnen 3 - 4 weken genezen.

U kunt uw gebruikelijke dagelijkse bezigheden na 2 of 3 dagen weer oppakken. U kunt met lichte activiteiten beginnen en deze uitbreiden zonder te forceren. Het hangt van de ingreep en het genezingsproces af wanneer u weer gewoon alles kunt doen. Meestal voelt u zelf wel wanneer alles weer kan. Na een operatie moet u rekening houden met een langere herstelperiode.

U krijgt een recept mee voor laxeermiddelen. Deze kunt u 2 weken gebruiken.

Heeft u last met ontlasting maken, gebruik dan vooral vezelrijk eten en zorg ervoor dat u voldoende water drinkt. Probeer bovendien persen te voorkomen. Als u hierop let, verkleint u de kans dat na jaren opnieuw klachten ontstaan.

Vergeet niet weer te starten met bloedverdunners of Ascal als u hiermee, in verband met de operatie, tijdelijk was gestopt.

Controle
U krijgt een afspraak voor controle, na 2 weken op de polikliniek. Of u daarna nog een keer op controle moet komen hangt af van de klachten.

PDF
Stel PDF samen

Heeft u nog vragen?

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt u contact opnemen met de poli Chirurgie, bereikbaar op werkdagen tussen 08:00 - 17:00 uur.

Poli Chirurgie:
0495 - 57 22 70